<rss version="2.0">
  <channel>
    <title>Erasmus University Library</title>
    <link>https://thesis.eur.nl/org/11/</link>
    <description>List of Publications</description>
    <language>en</language>
    <item>
      <title>The History of the International Federation of Library Associations</title>
      <link>https://thesis.eur.nl/pub/6902/</link>
      <pubDate>Fri, 01 Oct 1976 00:00:01 GMT</pubDate>
      <description>&lt;div&gt;Vries, J.L. de&lt;/div&gt;
In this thesis I will trace the history of the International Federation of Library Associations from the conceivement of the idea, in Prague in 1926 to its creation in Edinburgh in 1927 and through its early years up to World War II. As sources I have mainly used the proceedings of the annual meetings, published in the first eleven volumes of the "Actes du Comité International des Bibliothèques". No doubt a careful study of the archives of the Federation would yield further interesting information on the development in these early years, but this would have led me too far for the present purpose.</description>
    </item>
    <item>
      <title>Data en Flexibel werken</title>
      <link>https://thesis.eur.nl/pub/13624/</link>
      <pubDate>Wed, 16 Jan 2013 00:00:01 GMT</pubDate>
      <description>&lt;div&gt;Westerbeke, J.&lt;/div&gt;
De Universiteits Bibliotheek (UB) is een intensieve kennisorganisatie. Ongeveer 70 medewerkers faciliteren studenten en onderzoekers in het bieden van o.a. databanken, repositories, informatievaardigheden, integrated search, naast de boekenuitleen. Zij is op dit moment bezig Het Nieuwe Werken in te voeren.1 Binnen het daartoe opgezette project wordt er gesteld dat er een "naadloze ondersteuning moet zijn van ICT." (UB, 2012) Met name data voorziening en data toegankelijkheid spelen hier een rol. Met data voorziening wordt hier bedoeld de (betrouwbare/veilige) voorzieningen voor opslag van documenten en het raadplegen van en (samen)werken aan documenten. Hiertoe zal dit onderzoek beperkt worden.&#13;
Er is een spanningsveld tussen veiligheid en flexibiliteit. Bij het bepalen van de werkmethode en het platform voor Document Management is er behoefte bij het besluitvormingstraject om de verhouding in beeld te hebben. Er is een instrument nodig om beide exponenten zo goed mogelijk te borgen. Dit onderzoek zal de moderne opslagmethodes beschrijven en de betreffende werkmethodes die bij HNW horen, om vervolgens onderzoek te doen naar de juiste verhoudingen en implementaties van beiden.&#13;
Dit onderzoek beperkt zich tot de opslag en toegankelijkheid van documenten, in eerste plaats voor UB personeel. Maar het resultaat zal breder toepasbaar zijn omdat het hier gaat over de verhouding van veiligheid en flexibiliteit. Met andere woorden: Wat is de juiste manier om documenten op te slaan en wat is de juiste werkwijze om (samen) te werken aan deze documenten.&#13;
Het resultaat van dit onderzoek zal een weergave zijn van de huidige verhoudingen en een Best Practice om met document-opslag en -toegankelijkheid om te gaan.</description>
    </item>
    <item>
      <title>Een algemene zorgplicht in de Wet op het financieel toezicht</title>
      <link>https://thesis.eur.nl/pub/14986/</link>
      <pubDate>Thu, 01 Aug 2013 00:00:01 GMT</pubDate>
      <description>&lt;div&gt;Wissen, F.T.J. van (Falco)&lt;/div&gt;
In dit paper doe ik onderzoek naar de noodzaak van een wettelijke verankering van een algemene zorgplicht voor financiële dienstverleners in de Wet op het financieel toezicht. Om tot beantwoording van de probleemstelling te komen zet ik eerst het huidige kader van wet- en regelgeving uiteen. Vervolgens bespreek ik de rechtvaardiging van zorgplichten vanuit economisch en ethisch perspectief. Ik concludeer dat verankering van de algemene zorgplicht niet noodzakelijk is en bovendien afbreuk doet aan de eigen verantwoordelijkheid van de consument en het leerstuk van eigen schuld. Civiele rechters en de AFM zullen bij het interpreteren van de norm op één lijn moeten zitten om rechtsonzekerheid te beperken.</description>
    </item>
    <item>
      <title>Juridische aspecten van prenatale behandeling van aangeboren afwijkingen (spina bifida)</title>
      <link>https://thesis.eur.nl/pub/14462/</link>
      <pubDate>Wed, 28 Aug 2013 00:00:01 GMT</pubDate>
      <description>&lt;div&gt;Watson, Kenneth&lt;/div&gt;
Levensbeëindigend handelen bij pasgeborenen is in Nederland al decennia onderwerp van medische, juridische en politieke discussie. Sinds 2004 ondersteunen richtlijnen en criteria van het Groningen- protocol de besluitvorming daarover in situaties waarin bij pasgeborenen volgens heersend medisch inzicht sprake is van ondraaglijk en uitzichtloos lijden. Het protocol is gebaseerd op opvattingen en normen, die in rechtspraak en literatuur reeds waren gecodificeerd. Kinderartsen meldden actieve levensbeëindiging bij pasgeborenen meestal niet. Uit een analyse van de 22 gevallen, die van 1997 tot 2004 gemeld waren, bleek dat het zonder uitzondering pasgeborenen met spina bifida betrof.</description>
    </item>
    <item>
      <title>Market entry of biosimilar monoclonal antibodies</title>
      <link>https://thesis.eur.nl/pub/16597/</link>
      <pubDate>Thu, 01 May 2014 00:00:01 GMT</pubDate>
      <description>&lt;div&gt;Jonker-Exler, C. (Clara)&lt;/div&gt;
The impressive market success of monoclonal antibody drugs (mAbs) and their upcoming patent expiry, have lead many companies to start biosimilar mAb development. They all seek to gain share in the multibillion-dollar mAb market. For healthcare payers biosimilar mAbs promise a great savings opportunity and may contribute to sustaining the increasing cost of medical treatment. The European Medicines Agency (EMA) has designed a regulatory pathway to support biosimilar mAb development but multiple barriers stand in the way of their potential market success. Complex production, clinical trials, marketing and compulsory post-authorization safety studies make biosimilar development expensive, compared to the development of small molecule generic drugs.&#13;
The South Korean company Celltrion demonstrated that with the right combination of resources and capabilities a biosimilar mAb can be developed and its biosimilar infliximab gained market approval in 2013. Subsequent market entry and success are dependent on intellectual property (IP) challenges, reach of the innovator, the impossibility of substitution and interventions by healthcare policymakers. The absence of a worldwide regulation on market entry and patent issues limits the potential market size. The removal of market entry barriers will lead to increased biosimilar competition and possibly a generic-like market, where competition is price driven. The biosimilar developer can make the highest profit in a brand-like market with a small number of competitors and competition driven by differentiation. The availability of biosimilar mAbs will lead to healthcare savings in the medium-term but this might not be sustainable in the long-term if price erosion occurs.</description>
    </item>
    <item>
      <title>Kunst macht frei</title>
      <link>https://thesis.eur.nl/pub/37034/</link>
      <pubDate>Wed, 01 Jun 2016 00:00:01 GMT</pubDate>
      <description>&lt;div&gt;Jans, A. (Angela)&lt;/div&gt;
Januari 2015, het moment waarop de wereld werd opgeschrikt door de aanslag op Charlie Hebdo. Cartoonisten die gebruik maakten van hun recht op vrijheid van meningsuiting en het daaraan verbonden recht om kunst te uiten, werden op gruwelijke wijze om het leven gebracht. De terroristen voelden zich naar eigen zeggen beledigd door de spotprenten over profeet Mohammed en de negatieve prenten over moslims in het algemeen en stelden dat Charlie Hebdo niet respectvol omging met het islamitische geloof. Deze aanslag maakt meteen duidelijk welke spanning er kan ontstaan tussen de vrijheid van meningsuiting en eventuele strafbare feiten.1 Charlie Hebdo vormt een extreem voorbeeld, maar er zijn nog talloze vergelijkbare voorbeelden, zoals het Penisbeeld in Steenbergen dat een belediging voor de wijkagent vormde2, de bedreigende rap van Hozny over Geert Wilders3 of (reclame over) een schilderij of tentoonstelling met obscene beelden.4 Ook in Duitsland heeft zich recent een treffend voorbeeld voorgedaan. Komiek Jan Böhmermann heeft in een satirisch programma uitlatingen gedaan in de vorm van een gedicht die beledigend zouden zijn voor president Erdogan van Turkije, maar Böhmermann beroept zich op het feit dat hij als komiek satirisch bedoelde uitlatingen moet kunnen doen.</description>
    </item>
  </channel>
</rss>
