Introductie en theoretisch kader: Dit onderzoek onderzoekt hoe complexiteitsleiderschap door directeuren de organisatie ambidextrie binnen de gemeente Rotterdam beïnvloedt. Organisatie-ambidextrie, zoals oorspronkelijk gedefinieerd door March (1991), betreft het vermogen van een organisatie om een balans te vinden tussen exploitatie, het optimaliseren van bestaande capaciteiten, en exploratie, het verkennen van nieuwe mogelijkheden. Deze dualiteit is aangetoond positief gerelateerd aan organisatorische prestaties (Junni et al., 2013), waarbij de optimale balans afhankelijk is van de omgevingsfactoren (Burns & Stalker, 1961; Hannan & Freeman, 1984). Complexiteitsleiderschap is een leiderschapstheorie die zich richt om aan de complexiteit te voldoen waarin de organisatie in de 21e eeuw aan moet voldoen om effectief te zijn. Dit leiderschap omvat drie belangrijke rollen: innovatief leiderschap, dat nieuwe kennis en processen introduceert (Uhl-Bien & Arena, 2018); operationeel leiderschap, dat zorgt voor structuur en efficiëntie (Uhl-Bien & Arena, 2018); en faciliterend leiderschap, dat de voorwaarden creëert voor adaptieve processen en conflictbeheer (Uhl-Bien & Arena, 2018). De specifieke relatie tussen complexiteitsleiderschap en organisatiep-ambidextrie nog niet expliciet onderzocht. Met die reden is dit onderzoek relevant in het bijdragen aan zowel de wetenschappelijke literatuur over leiderschap in de publieke sector als de praktische toepassingen voor het verbeteren van publieke diensten en het omgaan met complexe maatschappelijke vraagstukken die de noodzaak van organisatie-ambidextrie benadrukken. Methode: Om de hoofdvraag te beantwoorden is data verzameld middels een kwalitatieve gevalstudie bestaande uit de directeuren binnen de Gemeente Rotterdam. Er zijn in totaal 35 interviews gevoerd, waarvan 22 met directeuren en 13 met interne experts. Deze data is systematisch getranscribeerd en geanalyseerd. Bevindingen: De resultaten tonen aan dat de organisatie zowel exploitatie (correcte uitvoering en optimalisatie van bestaande processen) als exploratie (innovatie en experimentatie) nastreeft. Exploitatie wordt overheersend door de nadruk op efficiëntie en procesoptimalisatie, wat wordt verklaard door de publieke aard en bestuurlijke druk op de organisatie. Exploratie vindt plaats via specifieke projecten en pilots, waarbij innovaties op kleine schaal worden getest om risico’s te minimaliseren en de reguliere werking niet te verstoren. De balans wordt verlegd als reactie op interne of externe prikkels, daarmee is organisatie-ambidextrie dynamisch en contextafhankelijk. Complexiteitsleiderschap beïnvloedt deze organisatie-ambidextrie. Operationeel leiderschap bevordert exploitatie door sturing en procesoptimalisatie, maar biedt ook kaders voor exploratie. Innovatief leiderschap stimuleert exploratie door ruimte te geven voor nieuwe ideeën en experimenten, zowel exploitatie binnen de bureaucratische kaders van de organisatie als exploratief door nieuwe kennis van buiten naar binnen de organisatie te halen . Faciliterend leiderschap helpt de balans tussen exploitatie en exploratie te beheren door contextuele veranderingen duidelijk te maken en draagvlak te creëren om de balans tussen exploratie en exploitatie te verleggen. De studie draagt met deze bevindingen bij aan de bestuurskundige, de organisatie en leiderschapsliteratuur. Limitaties: De studie erkent enkele theoretische en methodologische beperkingen. Er is geen diepgaande specificatie van ambidextrie-designs, wat leidde tot beperktere inzichten. Toekomstig onderzoek zou moeten richten op duidelijke formuleringen van ambidextriedesigns en wordt aangeraden om voor complexiteitsleiderschap de complexiteitswetenschappelijke methode nauwkeuriger aan te houden. Methodologisch is de generaliseerbaarheid beperkt door de focus op één gemeente en de variabiliteit in publieke organisaties, toch heeft het een hoge interne validiteit. Implicaties voor de praktijk: De praktische implicaties benadrukken de noodzaak voor de organisatie en specifiek voor de directeuren om een balans tussen innovatie en optimalisatie te vinden, faciliterend leiderschap te tonen en leiderschapsstrategieën aan te passen aan de contextuele behoeften van de organisatie.

Cannaerts, N.J.L., Bouwman, R.B.
hdl.handle.net/2105/75438
Public Administration
Erasmus School of Social and Behavioural Sciences

Quist, Y.B. (2024). Rotterdams Leiderschap: Complexity makes it happen!. In Public Administration.http://hdl.handle.net/2105/75438