De politieke onafhankelijkheid van het Nederlandse toezicht staat met de komst van Kabinet-Schoof-I opnieuw op de politieke agenda. In de maatschappelijke discussie over dit onderwerp wordt regelmatig de positie van rijksinspecties en het staatstoezicht besproken, maar markttoezichthouders blijven hierbij vaak buiten beschouwing. Dit is opvallend, omdat het voor hen net zo belangrijk is om politiek onafhankelijk te kunnen opereren. In deze scriptie wordt daarom de politieke onafhankelijkheid van markttoezichthouders onderzocht, met een focus op de verhouding tussen wettelijke en feitelijke onafhankelijkheid. Dit leidt tot de volgende hoofdvraag: hoe verhoudt de feitelijke onafhankelijkheid van Nederlandse markttoezichthouders ten opzichte van de politiek zich tot hun wettelijke onafhankelijkheid? Op basis van de bestaande literatuur zijn er drie scenario’s ontwikkeld die de verhouding tussen de twee onafhankelijkheidsaspecten kunnen verklaren. Deze scenario’s zijn vervolgens onderzocht door middel van een mixed method-benadering. Enerzijds is de wettelijke onafhankelijkheid in kaart gebracht aan de hand van een documentanalyse, op basis waarvan voor elke toezichthouder via een index een onafhankelijkheidsscore is berekend. Anderzijds is de feitelijke onafhankelijkheid bestudeerd door medewerkers van markttoezichthouders te interviewen om inzicht te krijgen in de (informele) processen die toezichthouders in de praktijk moeten beschermen tegen politieke inmenging. Uit de resultaten blijkt dat de wettelijke en feitelijke onafhankelijkheid van Nederlandse markttoezichthouders grotendeels met elkaar overeenkomen. Deze overlap is een teken dat de wetgeving die de toezichthouders in de praktijk moet beschermen tegen politieke inmenging goed functioneert, omdat de Nederlandse politiek hun onafhankelijke positie respecteert. Verder blijkt dat in een klein aantal gevallen de wettelijke en feitelijke onafhankelijkheid van elkaar verschillen, wat grotendeels te verklaren is door de mate van discretie die toezichthouders hebben. Tot slot zijn in dit onderzoek twee externe factoren geïdentificeerd die de onafhankelijkheid van toezichthouders kunnen beïnvloeden: de Europese Unie en de aard van de sector onder toezicht.

Van der Veer, L., Kuitert, L.
hdl.handle.net/2105/75451
Public Administration
Erasmus School of Social and Behavioural Sciences

Linck, L.M. (2024). Van wet naar werkelijkheid: De politieke onafhankelijkheid van het Nederlandse markttoezicht. In Public Administration.http://hdl.handle.net/2105/75451