Consultants zijn meer en meer werkzaam bij de rijksoverheid. Het perspectief van rijksambtenaren is echter nauwelijks meegenomen in onderzoek naar de invloed van consultants. Het is niet duidelijk of er bepaalde houdingen van rijksambtenaren bestaan om consultants wel of niet in te huren, met een blik op de werking van de rijksoverheid. Dit onderzoek poogt de lacune in de wetenschap over de inzet van consultants door rijksambtenaren, te dichten. In deze masterscriptie is de volgende vraag onderzocht; welke houdingen hebben ambtenaren ten opzichte van de inzet van consultants en hoe verschillen deze houdingen over het functioneren van de rijksoverheid? Door middel van Q-methodologie zijn de houdingen van rijksambtenaren onderzocht. Uit de literatuur volgden drie bestuurskundige stromingen welk gelinkt zijn aan stromingen op de inzet van consultants. Het traditional public administration (TPA) sluit aan op de kritische stroming, het new public management (NPM) op de functionele stroming, en het new public governance (NPG) op de genuanceerde stroming. De stromingen zijn gevat in 27 statements. 37 respondenten hebben deelgenomen in dit onderzoek door de statements te ranken, waarvan er met zes respondenten ook een interview is afgenomen. Vier onafhankelijke profielen kunnen worden onderscheiden op basis van de resultaten. In totaal verklaren de profielen 52% van de variantie (profiel 1, 18%; profiel 2, 16%; profiel 3, 13%; en profiel 4, 5%) . De profielen zijn grofweg te onderscheiden in twee hoofdprofielen met ieder twee subprofielen. Het ene hoofdprofiel is optimistisch over de inzet van consultants door de rijksoverheid. Het andere hoofdprofiel is daarentegen criticaster. Profiel 1, dat valt onder het optimistische hoofdprofiel, ziet consultants met denkkracht als een strategische oproepkracht. Dit profiel vindt dat consultants de rijksoverheid niet verzwakken en juist kunnen bijdragen aan de werking van de rijksoverheid. Het inzetten van consultants is volgens dit profiel een strategische keuze van de rijksoverheid. Profiel 2, dat valt onder de criticasters, ziet consultants als een risico voor de rijksoverheid. Het profiel hangt samen met het TPA. Consultants zien, volgens dit profiel consultants als schadelijk voor de deskundigheid en uitvoeringskracht van de rijksoverheid. Volgens dit profiel zou de rijksoverheid minder gebruik moeten maken van consultants. Profiel 3, dat valt onder de criticasters, licht in het verlengde van profiel 2. Het ideaaltype ambtenaar onder dit profiel vindt dat de rijksoverheid de verkeerde prioriteiten stelt waardoor de afhankelijkheid van consultants ontstaat. Dit profiel heeft in tegenstelling tot profiel 2 meer vertrouwen in de capaciteiten van rijksambtenaren, aangezien rijksambtenaren en consultants niet wezenlijk anders zijn. Profiel 4, dat valt onder het optimistische hoofdprofiel, sluit aan op profiel 1 maar legt de nadruk meer op het NPG. De samenwerking is voor dit profiel leidend. Op deze manier kan een win-win situatie ontstaan. Consultants worden door dit profiel niet gezien als bedreiging of oorzaak van kennisverlies, maar de rijksoverheid kan juist profiteren van de kennis en vaardigheden van consultants zonder afhankelijk te worden. Concluderend, en ter beantwoording van de hoofdvraag, er bestaan vier profielen van rijksambtenaren over de inzet van consultants. Twee profielen die optimistisch zijn over de inzet van consultants en twee profielen die kritisch zijn ten aanzien van de inzet van consultants. De kracht van dit onderzoek zit in het beschrijvende karakter van de profielen, welke zijn ingekleurd met quotes van rijksambtenaren. Een beperking is dat voor profiel 3, waar geen van de geïnterviewde respondenten op laden, er geen kwalitatieve data is verzameld. Vervolgonderzoek zou de profielen kunnen toetsen en kunnen kijken naar het samenwerken van ambtenaren die een verschillende kijk hebben op de inzet van consultants. Aan de rijksoverheid wordt geadviseerd om een “consultant”-strategie op te stellen hoe om te gaan met de inzet van consultants.

Van Meerkerk, I.F., Nederhand, M.J.
hdl.handle.net/2105/75469
Public Administration
Erasmus School of Social and Behavioural Sciences

Welling, G.B.A. (2024). Consultocratie in de polder?!
Een onderzoek naar de houdingen van rijksambtenaren over de inzet van consultants. In Public Administration.http://hdl.handle.net/2105/75469